“Toen ik een hand zocht, vond ik een pootje”

Mia is 60 jaar, opgegroeid in Zandvoort en sinds 1985 inwoner van Amsterdam. Vanaf 1986-2004 werkte ze als verpleegkundige. In 2004 is ze afgekeurd vanwege depressies, angstaanvallen en PTSS. Tegenwoordig, voor het allemaal stil is kwam te liggen door Corona, zet ze zich op verschillende manieren vrijwillig in. Zo helpt ze normaal gesproken bij kerkdiensten. Ze haalt mensen op, maakt de zaal klaar en zet koffie & thee. Daarnaast zat ze tot voor kort elke maandagochtend een aantal uurtjes achter de kassa bij een museum. “Met mijn voorliefde voor geschiedenis en medische achtergrond is dat een heel fijne plek, ik vind het heel leuk om te doen!”. Ook zingt ze met veel enthousiasme de altpartij in een koor.

Nu zijn deze activiteiten allemaal gestopt en dat mist ze. In het thuiszitten loert namelijk een gevaar en ze merkt signalen bij zichzelf dat ze het net iets té prettig vindt thuis, “want in de depressievelingenwereld is het heel prettig, dan zit je in je eigen dingetje, je hoeft niets, er wordt niets van je verwacht. Het is een valkuil”. Ze beschrijft dat het nu steeds meer moeite kost om naar buiten te gaan. Soms gaan er dagen overheen om iets voor elkaar te krijgen, bijvoorbeeld een boodschap doen. Ze is zich hier heel goed bewust van en spreekt zichzelf daarop aan “Hallo Mia, dit was niet de bedoeling, het is bedoeling dat je dingen onderneemt, daar voel je je veel beter bij!”. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan nu er zoveel dingen door Corona weggevallen zijn.

Ook komen er door de Corona crisis veel beelden van ziekenhuizen en verpleging op tv voorbij. Beelden die haar aan haar werkverleden doen denken en haar het gevoel geven “ik had daar moeten zijn”. Het blijft een strijd, enerzijds weet ze dat ze niet meer mag en kan werken als verpleegkundige, maar ze zou het zo graag doen. Het nieuws triggert haar PTSS en depressie en Mia merkt dat ze daardoor het nieuws gaat mijden.

Haar katten thuis bieden haar echter veel in moeilijke perioden, Mia is een groot dierenliefhebber. “Toen ik een hand zocht, vond ik een pootje”. Ze geven structuur in haar leven, “dieren zijn heel helend, helpen heel veel”. Ze heeft nu nog 2 katten die door kwalen als diabetes en blindheid veel zorg nodig hebben, ook hierbij komt haar medische kennis opnieuw goed van pas. Ze moet op tijd opstaan om de katten eten en insuline te geven. Helaas is haar derde kat, een lieve kater die 10 jaar bij haar is geweest, pasgeleden overleden. Ze mist hem heel erg. Hij was een “cadeautje van de straat” zoals ze hem liefkozend omschrijft.

Naast de vreugde en structuur die haar katten bieden, heeft Mia veel aan de oplossingen die ze met haar vriendinnen en zelfhulpgroepje, genaamd UPPA, heeft ontworpen. De naam verwijst naar de therapeutische term ‘uitbreiding van potentieel plezierige activiteit’. “Dat was zo’n gigantische mond vol, dus wij hebben dat UPPA genoemd”. Ze spreekt hen nu regelmatig via WhatsApp. Ook onderhoudt ze telefonisch veel contact met andere vrienden en haar moeder, broer en zus. Haar moeder kan ze helaas weinig opzoeken door Corona, maar een vriendin had nog beschermingsmaskertjes thuis liggen van een eerdere operatie en heeft er een paar opgestuurd. Die kan Mia gebruiken en omdoen bij een bezoek aan haar moeder. Ze is daarom van plan haar moeder met Moederdag te verassen met een bezoekje, “we moeten wel een beetje kleine verassingen houden voor elkaar”.